Kennisbank / Sectoren

Bètatechniek: 2002 - 2014 inzake groei hbo-afgestudeerden met techniekprofiel

Nederland wil tot de meest innovatieve landen in de EU te behoren. Daartoe moet onder meer het aantal hbo-afgestudeerden met een techniekprofiel groeien. Om dat te bereiken hebben de overheid, bedrijfsleven en hogescholen de afgelopen jaren een aantal zaken in gang gezet.

De toenmalige regering heeft in 2002 het Deltaplan Bèta Techniek vastgesteld en het Platform Bèta Techniek opgericht. Voor het hbo is toen het inmiddels afgesloten HBO Sprint Programma opgestart. Daarbij is onder meer het onderwijs drastisch vernieuwd en zijn relaties met het voortgezet onderwijs, het mbo en met het bedrijfleven versterkt. De afgelopen jaren is de instroom van nieuwe studenten in hbo-techniek met zo'n 15% gestegen. Er zijn momenteel zo’n 70.000 techniek studenten; tweederde van de ingenieurs in Nederland heeft een hbo-opleiding gevolgd.

Zeker voor technische opleidingen is een nauwe verwevenheid van praktijk gericht onderzoek van groot belang. Een commissie onder voorzitterschap van Hans de Boer heeft in 2009 een investeringsplan voor HBO Techniek voor de periode 2011-2016 (sector Investeringsplan HBO 2011-2016) opgesteld dat voorziet in de vorming van Centres of Expertise (CoE’s). Daar zijn er inmiddels enkele van en dit aantal neemt de komende jaren toe.

Advies Verkenningscommissie Van Pernis
De Verkenningscommissie Van Pernis heeft in december 2011 opdracht van de hogescholen een advies uitgebracht over de toekomst van de techniekopleidingen. Die behoeven een nieuw profiel. De hogescholen moeten daarvoor hun opleidingen anders inrichten en beter afstemmen op de topsectoren en de regionaal aanwezige kennis en bedrijven. Omdat er nu teveel smalle opleidingen zijn, moet het aantal opleidingen worden teruggebracht tot enkele brede licenties. De samenwerking met het bedrijfsleven moet intensiever. Er moet worden geïnvesteerd in praktijkgericht onderzoek en in de vorming van zwaartepunten. Hogescholen moeten hun opleidingsportfolio zowel onderling als met het bedrijfsleven afstemmen.

Verbreding techniekopleidingen
De hogescholen zijn bezig met een majeure operatie om – een veel geuite wens van politiek en bedrijfsleven – de herkenbaarheid van het opleidingenaanbod te vergroten door het aantal bacheloropleidingen (ca. 65) te verminderen. In de plaats daarvan komen onderwijsorganisatorisch brede(re) opleidingen zoals ook door de Verkenninscommissie Van Pernis is geadviseerd. Ook heeft die verbreding tot doel HBO Techniek enerzijds aantrekkelijker te maken voor studenten en anderzijds de responsiviteit van hogescholen te vergroten om sneller te kunnen inspelen op de grote dynamiek in het (regionale) bedrijfsleven en in de kennisdomeinen. Om die responsiviteit te vergroten dient de eigen programmeerruimte van een hogeschool met name op regionaal niveau te worden vergroot. Niet door nieuwe (smalle) opleidingen te starten maar door brede opleidingen (met eigen profileringsdifferentiaties) te ontwikkelen en met het (regionale) werkveld vorm te geven.

Besluiten
Over die verbredingsoperatie hebben de hogescholen inmiddels definitieve besluiten genomen. Die resulteren er in:

  • dat álle technische opleidingen in domeinen (elk met een eigen uniek opleidingsprofiel, een eigen bachelorgraad en een eigen landelijk werkveldoverleg) worden gebundeld. Aan de vier al bestaande Domeinen Engineering, Built Environment, Applied Science en ICT zijn het Domein Maritime Operations en het Domein Creative Technologies toegevoegd;
  • binnen elk domein een aantal (brede) stamopleidingen ontstaan;
  • binnen elke stamopleiding ruimte is voor differentiaties;
  • het aantal bacheloropleidingen wordt gehalveerd.

De minister van OCW is verzocht de besluiten van de hogescholen over te nemen waardoor de nieuwe opleidingsindeling op 1 september 2015 van kracht wordt (zie deze brief). Daarmee zal een belangrijke stap zijn gezet in het proces van ‘verkenning via verbreding naar vernieuwing’ van de techniekopleidingen van hogescholen.


Gerelateerde artikelen