Standpunt naar overzicht

Horizontale dialoog

De hogescholen hebben zich de afgelopen decennia ontwikkeld tot zelfbewuste en zelfstandige organisaties die op professionele wijze invulling geven aan de taken die hun bij wet zijn opgedragen. In samenspraak met politiek en samenleving zoeken hogescholen antwoord op actuele maatschappelijke ontwikkelingen. Zij willen hun studenten voorbereiden op de beroepspraktijk en de vernieuwingen die daarin voortdurend plaatsvinden, en willen hen toerusten om aan de vernieuwingen ook zelf een bijdrage te leveren. Dit stelt hoge eisen aan het beleidsvoerend vermogen van hogescholen. Het krijgt vorm in strategisch beleid, neergelegd in instellingsplannen en uitgewerkt in jaarplannen. Maar ook een gedegen horizontale dialoog en publieke verantwoording van het beleid en de resultaten maken deel uit van de professionele werkwijze.

Meer verantwoordelijkheid, meer ruimte
In 2025 hebben de hogescholen een lerende cultuur, zelfbewuste docententeams en een stevige wisselwerking met het beroepenveld. Hogescholen maken gezamenlijke afspraken over hun ambities en prioriteiten op basis van goed overleg met medezeggenschapsraden, docenten, lectoren en met externe stakeholders (afnemend beroepenveld, maatschappelijke organisaties, onderzoeksinstellingen, internationale partners). Natuurlijk leggen hogescholen hierover verantwoording af en kunnen zij hierop worden aangesproken. Verticale sturing door de overheid met uniforme, landelijke indicatoren en (nieuwe) prestatieafspraken past daar niet bij.

Hogescholen hebben een publieke taak en zijn dienstbaar aan studenten en samenleving. Ze onderhouden daarom goede contacten met hun omgeving. Veel hogescholen kunnen worden bestempeld als regionaal ingebed met een oriëntatie op en verantwoordelijkheid voor grootstedelijke en regionale ontwikkelingen en problematieken. Andere richten zich op een specifiek segment van onze samenleving zoals educatie, kunsten of groen & duurzaam. Hogescholen zijn niet alleen maar uitvoerder, zij hebben een eigen verantwoordelijkheid om in wisselwerking met hun omgeving inhoud te geven aan die publieke taak, en wendbaarheid en weerbaarheid met elkaar te verbinden. Zij maken daarbij eigen keuzes en willen vanzelfsprekend daarover maatschappelijke verantwoording afleggen. Hogescholen koesteren hun emancipatiefunctie. Maximale talentontwikkeling, ook van de verborgen talenten, blijft onderdeel van hun vanzelfsprekende publieke opdracht. Dat gebeurt altijd met behoud van de kwaliteitsstandaarden van onze opleidingen.

Uitgangspunten voor toekomstbestendigheid              
De nationale overheid is een belangrijke stakeholder van het hoger onderwijs en blijft dat ook. Universiteiten en hogescholen zijn en blijven publieke instellingen, met een publieke taak en verantwoordelijkheid en grotendeels gefinancierd uit door burgers opgebrachte middelen. De nationale overheid  zal ook de contouren van het stelsel moeten bepalen en bewaken, inclusief de regeling van het toezicht. En op hoofdlijnen onderwijs- en onderzoeksdoeleinden te formuleren. En regels opstellen over de verantwoording van de besteding van de bekostigingsgelden, de medezeggenschap van belanghebbenden en de spelregels voor good governance. Maar met inachtneming van die basisverantwoordelijkheden is het raadzaam bij toekomstig hogeronderwijsbeleid rekening te houden met de autonome kenmerken van onze universiteiten en hogescholen. Die zijn nauwelijks in verticale regelgeving te vatten maar wel bepalend zijn voor hun toekomst.

“Verticale sturing met landelijke indicatoren past niet bij de profilering van hogescholen in een specifieke regionale of beroepsomgeving”
Veel meer toegevoegde waarde heeft een beweging waarin de hogescholen hun ambities formuleren in nauwe samenspraak met de eigen medezeggenschap (studenten, docenten) en de externe betrokkenen zoals het regionale en specifieke beroepenveld, maatschappelijke actoren en het bedrijfsleven. Als de overheid zich beperkt tot de verantwoordelijkheid voor het proces waarin dit plaatsvindt, sluit dit aan bij de keuze die de wetgever onlangs maakte om de medezeggenschap instemmingsrecht op de hoofdlijnen van de instellingsbegroting te geven. Durven loslaten is een kunst die ook de overheid kan leren.


Gerelateerd nieuws

Lancering website medezeggenschap

Actualiteit

Vandaag lanceren de Vereniging Hogescholen (VH), de Vereniging van Universiteiten (VSNU), de Landelijke Studentenvakbond (LSVb) en het Interstedelijk Studenten Overleg (ISO) de website van het medezeggenschapsloket tijdens het evenement ‘de medezeggenschap in zijn kracht’ via www.kwaliteitsafspraken.nl. In 2015 is de basisbeurs afgeschaft. Het geld dat hierdoor vrijkomt moet worden geïnvesteerd in de kwaliteit van het onderwijs. In april is afgesproken dat studenten hierin een belangrijke stem krijgen via de medezeggenschap. Om ervoor te zorgen dat zij dit goed kunnen doen hebben de 4 partijen afgesproken dat er een loket moet komen dat onafhankelijk kan informeren en adviseren aan de medezeggenschap.

Lees meer

Gemeente, u heeft met het hbo goud in handen

Actualiteit

Vorige week werden de stembussen weer tevoorschijn gehaald, ditmaal voor de gemeenteraadsverkiezingen. Inmiddels is het stof van de verkiezingsuitslagen neergedaald en wordt gestart met het vormen van nieuwe colleges. De onderhandelingen spitsen zich toe op gemeentelijke problematiek: krapte op de woningmarkt, krimp in de regio, zorg voor ouderen, duurzaam openbaar vervoer en radicalisering. Het is slechts een greep uit de maatschappelijke vraagstukken die gemeentes bezighoudt. Een onderwerp dat nauwelijks aandacht kreeg in de campagne is het hoger (beroeps) onderwijs. Dat wordt beschouwd als een landelijke politieke aangelegenheid. Een gemiste kans wat mij betreft. Want de gemeenten die hun hogescholen omarmen hebben een enorme voorsprong bij het oplossen van lokale en regionale uitdagingen. 

Lees meer

De slag om de arbeidsmarkt in de regio een impuls geven

Actualiteit

Publiek-private samenwerking versterken, bedrijven aan het roer van Centers of Expertises, een Regionaal Investeringsfonds zoals in het mbo voor het hbo zijn volgens Doekle Terpstra, voorzitter van UNETO VNI, onder andere nodig om de regionale aansluiting van hogescholen en de arbeidsmarkt een impuls te geven.

Lees meer