Actualiteit

Inspectie: ”Studententevredenheid blijft toenemen, studiesucces nog steeds een punt van zorg”

De studenttevredenheid in het hbo blijft toenemen, niet-westerse mbo-gediplomeerden gaan vaker naar het hbo, studiesucces blijft een punt van zorg, de instroom is weer in beweging maar die van de pabo’s blijft een punt van aandacht en de kans op een baan is niet voor iedereen gelijk. Deze constateringen over het hoger onderwijs uit het nieuwe jaarverslag van de Inspectie van het Onderwijs ‘de Staat van het onderwijs’, dat vandaag is gepubliceerd, worden herkend door de Vereniging Hogescholen.

Studenttevredenheid neemt toe
De studenttevredenheid in het bekostigd hoger onderwijs, en dan vooral in het hbo, blijft toenemen. Studenten in het hbo zijn steeds vaker tevreden over hun opleiding, daar is 75,4% nu (zeer) tevreden.

Zorg om studiesucces wordt gedeeld maar kwaliteit blijft hoogste prioriteit
Het hoger beroepsonderwijs kampt volgens de inspectie nog steeds met hardnekkige problemen rond studiesucces. Al jaren daalt het aandeel studenten dat na vijf jaar een diploma heeft gehaald. Het aandeel hbo bachelorstudenten dat na vijf jaar een diploma haalt, daalde de afgelopen tien jaar van 67 naar 57 procent. Ook vallen nog steeds studenten uit of wisselen van studie, wat vaak tot vertraging leidt. Groepen studenten verschillen in studiesucces. Zo doen vrouwen het beter dan mannen. In het hbo speelt de opleiding en het inkomen van ouders een rol, in het wo minder. Studenten met een niet-westerse migratieachtergrond hebben kleinere diplomakansen dan andere studenten, vooral in het hbo.
Thom de Graaf, voorzitter Vereniging Hogescholen: “Tegen de achtergrond van de kwaliteitsslag in het hbo, is het verhogen van het studiesucces en tevens het verlagen van het aantal uitvallers en wisselaars een weerbarstig proces. Hogescholen verrichten tal van inspanningen om uitval en studiewisseling in het eerste jaar van de studie terug te dringen. Onder andere door betere voorlichting over de studie, invoeren van de studiekeuzecheck en een intensieve samenwerking met het voorbereidend onderwijs op het terrein van de inhoudelijke aansluiting en een intensivering van de studiebegeleiding. Hogescholen gaan hier met verve mee door, overigens zonder concessies te doen aan de kwaliteit en het niveau van de opleiding.”

Minder uitval
Vorige week maakte de Vereniging Hogescholen de nieuwste cijfers m.b.t. uitval, wisselen en diplomarendement bekend. De inspanningen bij hogescholen hebben voor een kwaliteitsimpuls gezorgd in het eerste jaar van de studie: er is duidelijk een vermindering van het aandeel studenten dat uitvalt. De afgelopen vijf jaar neemt de uitval uit het eerste jaar van havisten en mbo’ers af. De afname van de uitval is met name zichtbaar bij de mbo-instroom die al 2 jaar daalt van 23,1% in 2013 naar 20,6% in 2015. Daarbij valt op dat bij de autochtone vrouwelijke studenten de uitval het laagst is. Ook het aandeel studiewisselaars in het eerste jaar is de laatste jaren licht afgenomen van 19,9% in 2012 naar 17,8% in 2015. 

Mbo’ers weer vaker naar het hbo
De inspectie constateert enkele verbeteringen ten opzichte van vorig jaar als het gaat om gelijke kansen. In 2016/2017 neemt de instroom van nieuwe studenten in het hoger onderwijs weer iets toe.

Het aantal gediplomeerden uit het voortgezet onderwijs en het mbo dat het hoger onderwijs instroomt, daalde de laatste jaren. Het aandeel studenten dat direct aansluitend vanuit het mbo doorstroomt naar een hogeschool nam de laatste jaren af maar is in 2016 weer licht gestegen. Mbo 4-gediplomeerden met een niet-westerse migratieachtergrond stromen vaker direct door naar het hoger onderwijs dan mbo’ers met een andere afkomst (45,3% versus 33,9%). Toch daalde ook de instroom van deze groep de laatste jaren, en de daling was sterker dan die van mbo'ers met een Nederlandse of een westerse afkomst. De Vereniging Hogescholen is verheugd dat bij beide groepen in 2016 de instroom weer iets is toegenomen.

De Vereniging Hogescholen deelt de zorg van de inspectie dat bij selecterende bacheloropleidingen studenten met een niet-westerse achtergrond, met lager opgeleide ouders en met ouders met een lager inkomen minder vaak instromen. Deze studenten maken vervolgens vaker de keuze een niet-selecterende bacheloropleiding te gaan volgen.

Instroomdaling pabo is gekeerd
Het aantal studenten dat begint aan een pabo is volgens de inspectie in de afgelopen twee jaar sterk gedaald. Over een aantal jaren zullen er meer leraren nodig zijn dan er beschikbaar zijn. Om ook in de toekomst voldoende gekwalificeerde leraren voor het basisonderwijs te kunnen opleiden zijn volgens de inspectie maatregelen nodig. De Vereniging Hogescholen constateert echter dat de instroom bij de bacheloropleiding leraar basisonderwijs groeit in 2016-2017 met 8,2% naar ruim 4.200 studenten, na een jarenlange daling. In 2015/2016 was de instroom 3500. Er is dus weer een stijgende lijn in de instroom. De Vereniging Hogescholen spant zich in voor meer diversiteit voor de klas. Niet alleen het gebrek aan meesters is een aandachtspunt, maar ook het aantal leraren van niet-westerse afkomst blijft achter. Als Vereniging Hogescholen steunen wij het beleid van de overheid om te streven naar meer diversiteit voor de klas. Dit blijkt o.a. uit de succesvolle acties om meer mannen aan te trekken op de lerarenopleiding (“Veel meer meesters” van 18 pabo’s) en de schakelprogramma’s voor mbo'ers in de Randstad om beter toegerust naar de pabo te kunnen gaan. 

Kansen op een baan ongelijk
De aansluiting op de arbeidsmarkt verbeterde de afgelopen jaren. Gediplomeerden hebben bovendien vaker een baan op niveau. Maar hbo-gediplomeerden met een niet-westerse migratieachtergrond hebben een kleinere kans op werk dan andere hbo-gediplomeerden. Dit verschil is de afgelopen 15 jaar steeds groter geworden. De laatste twee jaren ziet de inspectie weer een afname van het verschil, maar het verschil blijft groot. Het verschil in kans op een baan tussen een hbo-gediplomeerde met een niet-westerse migratieachtergrond en een hbo-gediplomeerde zonder migratieachtergrond is in 2015 6,2 procent. In 2001 was dit verschil 1,7 procent. De Vereniging Hogescholen deelt nadrukkelijk deze zorg en riep al eerder op discriminatie op de arbeidsmarkt tegen te gaan. De Graaf sprak tijdens het hbo jaarcongres in april 2016 de werkgevers er al op aan hun verantwoordelijkheid te nemen om discriminatie op de arbeidsmarkt hard tegen te gaan. De Graaf riep de voorzitters van VNO-NCW en MKB-Nederland dan ook op om harde afspraken te maken over het stoppen onderscheid te maken op kleur of achternaam.
De Graaf: “Wij vinden dat de inspanningen van de werkgevers steviger moeten zijn.”

Gerelateerd

Ook de komende jaren zetten hogescholen en universiteiten zich in voor aanpak lerarentekort

Article

Hogescholen en universiteiten omarmen het vandaag door minister Wiersma en Dijkgraaf gepresenteerde Onderwijsakkoord en de opzet voor een werkagenda Samen voor het beste onderwijs. In de werkagenda zetten de ministers van onderwijs, werkgevers, leraren(organisaties) en lerarenopleidingen hun agenda voor de komende jaren uiteen. Deze werkagenda bouwt voort op wat de partijen al onderling met elkaar hebben bereikt op het gebied van onderwijskwaliteit, kansengelijkheid en het terugdringen van het lerarentekort. Met de werkagenda zetten partijen een extra stap om deze grote maatschappelijke problemen aan te pakken.  

Lees meer

Pabo toegankelijker door extra ruimte voor entreetoetsen

Article

De Vereniging Hogescholen is tevreden over het feit dat mbo’ers en havisten meer tijd krijgen om te voldoen aan de vooropleidingseisen. Volgens voorzitter Maurice Limmen is de maatregel in lijn met het voornemen om meer pabo-studenten aan te trekken en te zorgen dat zij succesvol voor de klas verschijnen. “Op deze manier maken we de pabo toegankelijker, wat erg belangrijk is aangezien we door het lerarentekort staan te springen om leraren”.

Lees meer

Actieplan pabo 'Naar een toekomstbestendig en inclusiever toelatings- en toetsingsbeleid'

Article

De leraar is van onschatbare waarde als het gaat over het onderwijs aan en de vorming van kinderen in het basisonderwijs. Die waarde zit onder andere in het bieden van gelijke kansen aan alle leerlingen, het afstemmen van onderwijs op maat van het kind en de voorbereiding van leerlingen op hun rol in de maatschappij en de samenleving.

Lees meer