Inzet verkiezingen: Student centraal

Meer docenten voor studenten

Intensiever en kleinschaliger onderwijs met meer docenten, verdere professionalisering van docenten, meer begeleiding van studenten, aandacht voor talentontwikkeling en het realiseren van moderne onderwijsfaciliteiten. Dat zijn de vijf investeringsdoelen voor het geld dat vanaf 2018 beschikbaar komt door de invoering van het Studievoorschot. Het Interstedelijk Studentenoverleg (ISO), de Landelijke Studentenvakbond (LSVb), de Vereniging Hogescholen (VH) en de Vereniging van Universiteiten (VSNU) presenteerden deze gezamenlijke agenda op 19 december 2016 aan minister Bussemaker. Hogescholen investeren sinds de invoering van het studievoorschot al extra in de onderwijskwaliteit met de verwachting dat de vrijvallende middelen in 2018 structureel voor het hoger onderwijs gereserveerd worden. De Vereniging Hogescholen hoopt dat in het volgende kabinet de studievoorschotmiddelen voor het hoger onderwijs en daarmee voor studenten, beschikbaar blijven.

Thom de Graaf, voorzitter Vereniging Hogescholen, ziet in de gezamenlijke agenda een belangrijke stap richting het verbeteren van de begeleiding van studenten naar en tijdens de studie: "Persoonlijk contact, het gevoel van ergens bij horen en betrokken zijn bij de opleiding, zijn allesbepalend voor het welbevinden van een student en de mate van studiesucces. Hogescholen zetten in op maximale begeleiding, vooral bij studiekeuze en tijdens het eerste jaar."

Gezamenlijke kernambities
Als het aan de hoger onderwijs- en studentenkoepels ligt, werken universiteiten en hogescholen bovengenoemde kernambities uit in concrete maatregelen, in nauwe dialoog met studenten en docenten. De hoger onderwijsinstellingen hebben via voorinvesteringen al een impuls gegeven aan de kwaliteit van het hoger onderwijs. De partijen willen deze impuls met de inzet van de middelen uit het Studievoorschot continueren en verder uitbouwen, onder andere door te investeren in meer docenten voor de klas en intensievere begeleiding van studenten.

Studenten- en docenteninspraak kan niet ontbreken
Het is van belang dat er gezamenlijk gesproken wordt over de inhoud van kwaliteit van het onderwijs. Dat gesprek moet plaatsvinden tussen studenten, docenten en bestuurders. ISO-voorzitter Jan Sinnige: "Kwaliteit van onderwijs is een mooie beleidsmatige term, maar wordt gerealiseerd binnen een universiteit of hogeschool. Op elke instelling kan het gesprek over wat kwaliteit specifiek daar inhoudt nu van start gaan. Daar is deze gezamenlijke agenda een handreiking voor."

Impuls aan onderwijskwaliteit
De hoger onderwijsinstellingen hebben via voorinvesteringen al een impuls gegeven aan de kwaliteit van het hoger onderwijs. Uit de jaarcijfers blijkt dat de hogescholen in 2015 circa 130 miljoen en in 2016 zelfs 150 miljoen euro aan extra middelen hebben ingezet. De partijen willen deze impuls met de inzet van de middelen uit het Studievoorschot continueren en verder uitbouwen, onder andere door te investeren in de gezamenlijke kernambities.  


Onze inzet:


Informatie